Wie is de handhaver?
De ene gemeente noemt het een handhaver. De andere spreekt over een toezichthouder. En weer een andere organisatie heeft het over de boa.
Maar wie staat er eigenlijk in dat uniform?
Op papier kunnen we daar verschillende antwoorden op geven. Er zijn functies, bevoegdheden, domeinen en taken. Maar voor de inwoner die op straat wordt aangesproken, is dat onderscheid vaak helemaal niet zo duidelijk.
Die ziet iemand in uniform.
Iemand die namens de organisatie optreedt.
En daarmee ontstaat een interessante vraag: wie ben je eigenlijk als je dat uniform aantrekt?
Een functie zegt nog niet wie je bent
Een functieomschrijving vertelt wat je doet. Bevoegdheden bepalen wat je mag. Een uniform maakt zichtbaar welke rol je op dat moment hebt.
Maar daarmee is nog niet gezegd hoe je die rol invult.
Twee handhavers kunnen dezelfde bevoegdheden hebben en toch heel verschillend optreden.
De een ziet zichzelf vooral als iemand die regels handhaaft. De ander ziet zichzelf als iemand die bijdraagt aan een veilige en leefbare omgeving. Weer een ander vindt het belangrijk om vooral zichtbaar en aanspreekbaar te zijn.
Geen van die woorden vertelt het hele verhaal.
Want voordat je kunt bepalen hoe je handelt, is het belangrijk om te weten waarom je dat doet.
Waarom doe ik wat ik doe?
Dat is misschien wel een van de belangrijkste vragen binnen het vak.
- Waarom spreek ik iemand aan?
- Waarom kies ik in deze situatie voor een waarschuwing?
- Waarom treed ik op?
- Waarom stel ik een grens?
En misschien nog belangrijker: wat wil ik met mijn handelen bereiken?
Wanneer een handhaver daar een duidelijk antwoord op heeft, ontstaat er iets meer dan alleen het uitvoeren van een taak.
Dan ontstaat professioneel handelen.
Het gaat dan niet alleen om het toepassen van regels, maar om het bewust invullen van de rol die je hebt.
Wie ben ik voor de organisatie?
Die vraag speelt niet alleen buiten op straat.
Ook binnen de organisatie is het belangrijk om duidelijk te hebben wie de handhaver is.
- Is de handhaver vooral de uitvoerder van beleid?
- Is het iemand die zichtbaar maakt wat de organisatie belangrijk vindt?
- Is de handhaver de ogen en oren van de organisatie in de wijk?
- Of is het een professional die zelfstandig keuzes maakt binnen duidelijke kaders?
Waarschijnlijk is het antwoord niet één van deze opties.
Juist daarom is het belangrijk om daar als organisatie met elkaar over in gesprek te gaan.
Want als een organisatie niet duidelijk heeft welke rol zij van haar handhavers verwacht, is het moeilijk om daar buiten ook eenduidig over te zijn.
En wie ben ik voor de inwoner?
Voor de inwoner ligt dat anders.
Die kent misschien de functiebenaming niet. Het verschil tussen een boa, toezichthouder en handhaver is niet voor iedereen relevant.
- Wat wel relevant is, is hoe iemand wordt benaderd.
- Word ik serieus genomen?
- Wordt mij uitgelegd waarom ik word aangesproken?
- Is duidelijk wat er van mij wordt verwacht?
En ervaar ik de persoon tegenover mij als iemand die alleen een regel komt handhaven, of als een professional die zijn rol goed probeert in te vullen?
Daarmee wordt iedere ontmoeting op straat ook een moment waarop de organisatie zichtbaar wordt.
De handhaver is niet alleen zichzelf.
Hij of zij vertegenwoordigt ook de organisatie.
Het uniform vertelt maar een deel van het verhaal
Een uniform maakt iemand herkenbaar.
Maar het vertelt niet automatisch wat iemand belangrijk vindt, hoe iemand kijkt naar de omgeving en waarom iemand handelt zoals hij handelt.
Daarvoor is meer nodig.
Het vraagt om een professionele identiteit.
Weten waarvoor je staat. Weten welke rol je hebt. Weten welke ruimte je hebt om keuzes te maken. En begrijpen waarom je die keuzes maakt.
Dat begint bij een gesprek over het vak.
Niet alleen: wat moet je doen?
Maar ook: waarom doe je dit?
Van functie naar professionele identiteit
Misschien is dat wel de ontwikkeling die we binnen toezicht en handhaving meer aandacht mogen geven.
Van functie naar professional.
Van bevoegdheid naar verantwoordelijkheid.
En van wat moet ik doen? naar waarom doe ik wat ik doe?
Dat betekent niet dat regels en bevoegdheden minder belangrijk worden. Integendeel.
Ze vormen het kader waarbinnen de handhaver werkt.
Maar binnen dat kader moet een professional voortdurend keuzes maken.
En juist daar komt professionele identiteit om de hoek kijken.
- Wie ben ik in mijn rol?
- Waar sta ik voor?
- Hoe wil ik gezien worden?
En past mijn handelen bij de rol die ik namens mijn organisatie vervul?
Het gesprek begint bij de organisatie
Een professionele identiteit ontstaat niet vanzelf.
Daarvoor moet een organisatie eerst zelf weten wat zij van haar handhavers vraagt.
Welke rol hebben zij binnen onze organisatie?
- Wat verwachten we van hen?
- Hoe willen we dat zij zichtbaar zijn voor inwoners?
- En welke ruimte geven we hen om als professional te handelen?
Pas wanneer daar duidelijkheid over is, kun je die lijn vertalen naar opleiding, begeleiding, ontwikkeling en dagelijkse aansturing.
Dan wordt de vraag “Wie is de handhaver?” meer dan een discussie over een functienaam.
Het wordt een gesprek over identiteit, vakmanschap en de manier waarop je als organisatie zichtbaar wilt zijn in de samenleving.
Waar kan VXB bij helpen?
VXB helpt organisaties om dit gesprek op gang te brengen.
Niet door vooraf te bepalen wie de handhaver moet zijn, maar door samen te onderzoeken wat de organisatie van haar professionals vraagt.
- Wie zijn we?
- Welke rol hebben onze handhavers?
- Waar staan zij voor?
En vooral: waarom doen we wat we doen?
Van daaruit kan worden gekeken wat dit betekent voor de ontwikkeling van professionals, teams en de organisatie.
Want voordat je kunt bepalen hoe een handhaver zich verder moet ontwikkelen, is het goed om eerst te weten wie die handhaver eigenlijk is.
Heb je binnen je organisatie een vraagstuk over de positionering en professionele identiteit van je handhavers? Ik denk graag met je mee.

Geef een reactie